Naar hoofdinhoud Naar footer

Deel deze pagina via:

Van enorme kastenwand tot online keuzehulp

Edith Hagedoren weet hoe het allemaal begon. Ze was ooit projectleider van de inmiddels 25-jarige Vilans Hulpmiddelenwijzer. Volgens haar is het belang van niet-commerciële informatie over hulpmiddelen de afgelopen jaren alleen maar groter geworden. ‘Op de Vilans Hulpmiddelenwijzer kom je ook in aanraking met oplossingen die je nog niet kent.’

Ze is al haar hele werkzame leven ‘gefascineerd door de hulpmiddelenzorg’. ‘Ik vind het mooi als mensen met een functionele beperking leren om activiteiten op een andere manier te doen, al dan niet met hulpmiddelen’, zegt Edith Hagedoren, tegenwoordig verbonden aan Zuyd Hogeschool als docent Ergotherapie en als on­der­zoe­ker bij het lectoraat On­der­steu­nen­de Tech­no­lo­gie in de Zorg en de Academische Werkplaats Hulpmiddelen voor Zelfredzaamheid. ‘Het is prachtig als mensen zo hun zelfredzaamheid weer terugkrijgen. Wat mij daarbij vooral interesseert: hoe krijg je de beste match tussen de mens, met zijn mogelijkheden en behoeften, en het hulpmiddel?’

Enorme kastenwand

Na haar opleiding tot ergotherapeut ging Edith in 1993 werken bij het iRv, het Kenniscentrum voor Revalidatie en Handicap in Hoensbroek. Daar maakte ze kennis met de voorloper van de Vilans Hulpmiddelenwijzer: Techhulp, later de ErgoWijzer geheten. Edith: ‘Het was voor zorgprofessionals in die tijd een tijdrovende klus om informatie over hulpmiddelen te vinden. Techhulp was een eerste poging om die een beetje te ordenen.’

Ze kan zich de enorme kastenwand met multomappen op het iRv nog herinneren. ‘Daar verzamelden we de documentatie van alle fabrikanten van hulpmiddelen. Met een groepje ergotherapeuten beschreven we aan de hand van al die catalogi alle hulpmiddelen die er op dat moment waren, wel zo’n 10.000. We hielden ook steeds bij als er veranderingen waren.’

Collega met computer

Er werd in Hoensbroek al gewerkt met het ISO 9999-classificatiesysteem voor hulpmiddelen. Edith: ‘Daar hadden wij zelf nog een extra laag aan toegevoegd. Bijvoorbeeld "rolstoel actief". Onder dat kopje stonden dan alle producten die daaraan voldeden, inclusief merknaam, type en fabrikant. Een ergotherapeut kon het product vervolgens in de eigen productencatalogi opzoeken. Wij leverden dus een soort ontsluitingssysteem voor documentatie.’

Bijzonder: alle informatie werd handgeschreven. Edith: ‘Onze aantekeningen gingen naar een collega van de administratie, want die had een computer. Zij typte alles over en vervolgens werd er een dik boek van gemaakt. Ergotherapeuten in het land konden een abonnement nemen en ontvingen dan ieder jaar een exemplaar. Wat dat kostte? Ik denk iets van 300 gulden. Best prijzig voor die tijd, maar het was dan ook heel veel werk.’

Linkjes toevoegen

Het dikke boekwerk met hulpmiddelen werd in de loop van de jaren negentig een cd-rom die vier keer per jaar verscheen. In 2001 ging alle informatie online. Toen verschillende kenniscentra, waaronder het iRv, vervolgens in 2007 fuseerden tot Vilans, kreeg de website zijn huidige naam: Vilans Hulpmiddelenwijzer. Edith werd de eerste projectleider van het platform.

De website gaf volgens haar direct meer mogelijkheden. ‘We konden nu linkjes en uitgebreide beschrijvingen toevoegen. Dat gaf de mogelijkheid om producten met elkaar te vergelijken. We hebben zelfs een filterfunctie ontwikkeld. Hierdoor konden zorgprofessionals bijvoorbeeld zoeken op zitbreedte of zitdiepte van een rolstoel. Dat bespaarde hun nog meer tijd.’

Was de Vilans Hulpmiddelenwijzer de eerste jaren nog vooral gericht op zorgprofessionals, in 2017 kwamen daar de burgers en mantelzorgers als doelgroep bij. Volgens Edith is niet-commerciële informatie over hulpmiddelen hierdoor alleen maar belangrijker geworden. ‘Mensen wonen steeds langer zelfstandig thuis en moeten vaker een beroep doen op hulpmiddelen. Bovendien moeten zij zelf het nodige uitzoekwerk doen. Overigens: ook voor de zorgprofessionals is de niet-commerciële Vilans Hulpmiddelenwijzer nog steeds waardevol. Het is de logische plek om te starten als zij vragen hebben over hulpmiddelen. Zij kunnen cliënten met de Hulpmiddelenwijzer voorlichten en hen zo helpen bij het kiezen van een hulpmiddel.’

Bewuste studenten

Daarom is het belangrijk dat ergotherapeuten al tijdens hun studie bekend raken met de Vilans Hulpmiddelenwijzer. Op Zuyd Hogeschool wordt hier volgens Edith hard aan gewerkt. ‘In iedere module van de opleiding is er aandacht voor "ondersteunende technologie" en de Vilans Hulpmiddelenwijzer. In de eerste module leren studenten bijvoorbeeld al werken met kleine ADL-hulpmiddelen. Ze moeten dan bijvoorbeeld een probleem oplossen met een hulpmiddel uit de Hulpmiddelenwijzer.’

De student van tegenwoordig moet volgens Edith nog wel eerst overtuigd worden van het nut van de Vilans Hulpmiddelenwijzer. ‘Ze hebben al snel het idee: dat vind ik ook wel via Google of ChatGPT. Maar dan laat ik zien hoeveel gesponsorde en commerciële resultaten dit oplevert. Bovendien zoeken studenten vaak alleen op het hulpmiddel dat ze al kennen. Het mooie van de Hulpmiddelenwijzer is dat zij ook in aanraking komen met oplossingen die zij nog niet kennen. Ineens zie je studenten zich dan bewust worden van de toegevoegde waarde van de Hulpmiddelenwijzer.’

Bij de kringloop

In 2014 nam ze afscheid als projectleider van de Vilans Hulpmiddelenwijzer. Dat voelde alsof ze ‘een kindje moest achterlaten’. Maar ze is trots op hoe volwassen het platform geworden is. Edith werkt overigens nog steeds samen met de Vilans Hulpmiddelenwijzer. Onderzoeksresultaten van Zuyd Hogeschool worden bijvoorbeeld op de website gepubliceerd. Heeft ze als gediplomeerd ergotherapeut nog een advies voor haar oude werkgever? ‘Het is heel belangrijk dat mensen leren waar ze op moeten letten als ze een hulpmiddel aanschaffen. Neem bijvoorbeeld de rollator. Die koop je tegenwoordig ook in de supermarkt of bij de kringloop. Maar daar krijg je geen goed advies. Waar moet je op letten? Hoe gebruik je zo’n hulpmiddel goed? Hoe moet je hem afstellen? Dat soort informatie is te vinden op de Hulpmiddelenwijzer.’ 

Deel deze pagina via: